Na Toscane, Umbrië en Le Marche was het tijd om Puglia te ontdekken.
De regio Puglia met als hoofdstad Bari in het zuidelijkste puntje van Italië heeft het hele jaar door een heerlijk klimaat, zelfs in de zomer koelt de zeewind het binnenland tot een acceptabele temperatuur. Puglia produceert vooral wijn en olijfolie en heeft een nog onbekende maar van oudsher voortreffelijke keuken. Je bent nooit ver van het strand en de diepblauwe zee. Mooie dorpjes of stadjes zoals Ostuni, Locorodonto, Alberobello, Polignano a Mare, Monopoli etc zijn echt super om te bezoeken.

Niet ver van Ostuni vind je Masseria Cervarolo. Dit is de locatie waar we 7 nachten hebben verbleven. Masseria betekent een versterkte boerderij en Cervarolo ontleent zijn naam aan het woord hert, wat ook vroeger hier leefde. De doorgevoerde renovatie had twee doelstellingen: het herstellen van het authentieke aspect en het aanbieden van een kwalitatief ontvangst. De kamers bieden alle moderne comfort. Masseria Cervarolo beschikt over een wellness-centrum, een zwembad en serveert lekkere gerechten zowel s’middags en s’avonds. Het restaurant serveerde iedere avond een 7 gangen menu en die was echt super lekker van begin tot einde en dit voor een prijs van 35 euro per persoon. De wijnkaart had alléén wijnen uit Puglia en ik kan zeker de rosé van Schola Sarmenti aanbevelen.

La città bianca (‘het witte stadje’), zoals Ostuni wordt genoemd, ligt er prachtig bij, zeker wanneer de zon fel straalt op de witte huizen. De inwoners van Ostuni zijn verplicht om hun huis elk jaar opnieuw te kalken – wat het stadje al van veraf een sprookjesachtig aanzien geeft.

Ostuni schittert in het omliggende groene landschap en bestaat uit verschillende niveaus, omdat de stad op een heuvel is gebouwd. Vanaf het centrum op de heuvel heb je een mooi uitzicht over het omringende landschap, met in de verte de turkooizen kleuren van de zee.

De middeleeuwse ommuurde stad werd gebouwd zonder een plan. Het web van straten is verwarrend. Het is een doolhof van steegjes, trappen en bogen. Gebouwen werden op elkaar gebouwd en verbonden via bogen, om elkaar te ondersteunen. Het labyrint en tal van doodlopende straatjes was ook een perfecte manier om vijanden als de Grieken, Romeinen, Goten, Byzantijnen en Noormannen te misleiden.

Nadien was het dorpje Cisternino aan de beurt, in het kleine, charmante centrum met smalle, schaduwrijke straatjes, steile trappetjes, balkonnetjes vol kleurrijke bloemen en een elegant piazza met een bijzonder mooi uitzicht over het platteland.

In het hart van Puglia bevindt zich de meest beroemde vallei van de streek: de Valle d’Itria. Deze roem heeft de Valle d’Itria te danken aan de talloze, betoverende trulli die je er kunt vinden, witte huisjes met een kegelvormig dak. ‘Hoofdstad’ van de trulli is het pittoreske dorpje Alberobello, waar het oude centrum bestaat uit kronkelige straatjes waarlangs meer dan duizend traditionele ronde witte huisjes staan.
Ook in Locorotondo heerst een heel ontspannen sfeer. Het dorpje heeft een rustig centrum met smalle straatjes, witte huizen en zeer aardige mensen. Het dankt zijn naam aan het rond lopende stratenplan, locus rotundus in het Latijn. De smalle, rechthoekige huizen worden ook wel cummerse genoemd. Heel anders dan de trulli, maar deze huizen geven het stadje een heel eigen sfeer. Onze voorkeur gaat duidelijk naar Locorotondo want Alberobello wordt nogal commercieel uitgebuit. Je moet het wel gezien hebben maar zeker hier niet te lang blijven.

Polignano a Mare

Dit dorpje vonden we toch één van de mooiste. Het zicht op de kliffen is fenomenaal.

Het dorp is gebouwd op de steile kliffen. De kust is hier erg ruig en telt vele grotten. In een van de grotten zit Grotta Palazzese, een hotel en restaurant waar menig bruiloft plaats vindt. Waar de nodige aanzoeken worden gedaan en wat misschien wel behoort tot een van de meest bijzondere restaurants ter wereld. Maar helaas hebben we dit niet geboekt. Polignano is net als Gallipolli van Griekse oorsprong. Het middeleeuwse centrum is een opeenstapeling van huizen en steegjes.

De keuken van Puglia

Graanvelden, je komt ze overal tegen in Puglia. Logisch dus dat pasta en brood, al dan niet zelfgemaakt, een centrale rol spelen in de cucina regionale. Daarnaast maakt men ook veel gebruik van groenten. Vanwege de zachte winters, de warme zomers en de vruchtbare grond groeien groenten als tomaten, courgettes en peulvruchten in overvloed. De inwoners eten de groenten vaak zo rauw mogelijk. Ingrediënten als artisjokken, cichorei, knollen, bloemkool, rucola en pepers zijn onmisbaar in de keuken van Puglia. Bijzonder zijn de lampasciuoli, een soort uien met een hoge voedingswaarde en een bittere smaak die de gerechten van Puglia een uniek tintje geven.

Laat je niks op de mouw spelden: Puglia lijkt niet op Toscane, het is wel heel landelijk en glooiend, met veel (tot duizend jaar oude) olijfbomen en wijngaarden, en ’s zomers kurkdroog, maar daar houdt elke vergelijking op. Maar Puglia heeft zeker zijn charmes en we komen zeker nog terug want er is nog veel te zien. In Puglia kennen ze helaas maar 1 taal, geen Engels ,geen Frans dus contact met de plaatselijke bevolking is onmogelijk en dat is wel spijtig. En om te eindigen nog wat sfeerbeelden.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here